Bier in de klas

Bierkrat

Tijdens de wiskunde les heb je het natuurlijk niet alleen over wiskunde.
Dat zou onmenselijk zijn.

Dus de meivakantie kwam langs bij mijn wiskunde collega in de klas.
Dikke Willem wist wel wat zijn vader ging doen in de vakantie.
“Bier drinken op de camping!”

“Wat drinkt je vader zo op een avond?”, niets zo nieuwsgierig als een docent.
“Makkelijk vijf kratten bier meneer”, antwoordde Willem trots.

Volgens mijn collega kon dat helemaal niet. Volgens Willem was het toch echt zo.
De klas neigde ernaar om Willem te geloven en wiskunde collega’s gaan dan rekenen, daar hebben ze voor doorgeleerd.

“Vijf kratten op een avond, dat is elke drie minuten een biertje!”

Willem zat even te peinzen en moest toen zijn triomfantelijk kijkende docent gelijk geven. Elke drie minuten een biertje, dat haalde zijn pa niet.

Toen ging er een lampje bij hem branden; “maar de vader van Bas haalt dat mákkelijk.”
Achter in de klas zat Bas driftig ja te schudden, samen met een paar klasgenootjes die zijn vader ook kenden. “Makkelijk!”

De logica van de wiskunde is een andere dan die van bier. En de logica van zo’n vader zal aan het einde van de avond ook wel niet meer zo groot zijn.

Advertenties